Posts tonen met het label Wel of niet?. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Wel of niet?. Alle posts tonen

woensdag 6 november 2013

Wel of niet: de pauze gebruiken voor gesprekken met leerlingen?

“Kan ik in de pauze even met u praten over mijn cijfers?”
“Zou ik in de pauze extra uitleg kunnen krijgen voor de repetitie?”

Die vraag krijg ik best vaak. Het antwoord blijf ik moeilijk vinden. In het verleden was het namelijk zo dat ik dagen met zes of zeven lesuren achter elkaar had. De pauzes waren dan mijn enige rustmomentjes van de dag. Toch lukte het me vaak niet om ‘nee’ tegen deze leerlingen te zeggen.

Waarom ik dat lastig vind? Ik vrees dat ik anders straks van de ouders te horen krijg dat ik geen tijd vrij wil maken voor hun kind. De pauzes zijn uiteraard niet bedoeld voor bijles, maar bij sommige leerlingen is het nu eenmaal nodig om één op één over de cijfers te praten. Ten eerste hoeft de rest van de klas dat niet te horen. Ten tweede heb ik het idee dat de leerling een stuk beter luistert (en oppikt!) als ik dit individueel met hem/haar bespreek.

Maar dat extra uitleg is wel een heel ander geval. Dat is eigenlijk bijles en dat staat niet in mijn takenpakket. In dit geval ging het om een leerling uit de tweede klas. Ik zie de leerling drie lesuren in de week. Tijd genoeg om het in de les te vragen, zou je denken.  Maar in de les is deze jongen helaas veel te veel met andere dingen bezig. Waarom ik het dat toch doe dat ik mijn pauze voor hem opoffer en niet gewoon tegen hem zeg: “Hé Joep, misschien moet je gewoon in de les wat meer opletten?” Deze jongen heeft op de basisschool een enorme achterstand gehad wat betreft rekenen. Wegens medische redenen heeft hij veel te veel stof gemist en dat merk ik nu enorm. De tweede reden is dat deze jongen, ook wegens medische redenen, medicijnen slikt. En die medicijnen zorgen er bij hem voor dat hij druk wordt en dat zijn concentratie enorm afneemt. Daarom heeft hij er in de les niet altijd zijn hoofd bij.

Of ik de pauze gebruik voor gesprekken met leerlingen? Het antwoord is ja, maar alleen als/omdat het niet anders kan. Extra uitleg moeten de leerlingen in de les vragen – op deze ene jongen na. Praten over cijfers of andere dingen die in de les niet kunnen: vooruit dan maar. Ik offer mijn pauze wel op. Maar alleen omdat het moet…

Liefs!

woensdag 23 oktober 2013

Wel of niet: vragen stellen tijdens een toets?

Ik denk dat de titel al genoeg zegt, maar vandaag wil ik het hebben over de vragen die de leerlingen tijdens een toets mogen stellen. Ik ben een voorstander van geen vragen stellen tijdens een toets. Als je niet uitkijkt, steken er tien leerlingen per minuut hun vinger op om een vraag te stellen.

Ik weet nog wel dat ik stage liep en dat de klas een toets had. Keer op keer gingen de vingers omhoog. De leerlingen snapten een vraag niet, dus ik hielp ze op weg. Vervolgens waren er leerlingen die een stuk theorie niet begrepen. Ook dat legde ik uit. En zo hielp ik, tijdens een toets!, leerlingen van een 4 naar een 7.

Ontzettend slecht natuurlijk. De leerlingen moeten de vragen stellen vóór de toets, niet tijdens. Dat is ook de reden dat ik de leerlingen helemaal geen vragen meer wil laten stellen tijdens een toets. ‘Steek alleen je hand op als je een extra blaadje wilt,’ zeg ik vlak voor de toets begint. Je hebt er toch altijd leerlingen tussen zitten die toch hun vinger opsteken. ‘Wil je een blaadje?’ vraag ik dan. Vaak weet ik het antwoord al.

En hoewel dit een waterdicht plan lijkt (alleen je vinger opsteken als je een blaadje wilt lijkt me voor de leerlingen vrij helder), zijn er toch altijd andere vragen. Vragen die niet over de inhoud van de toets gaan, maar bijvoorbeeld over de vraagstelling. Een spelfoutje, een verkeerd woord, een verkeerd getalletje. Of een grafiek dat niet goed af te lezen is. Een vraag dat op meerdere manieren te interpreteren is. Noem maar op.

Natuurlijk doe ik er alles aan om te vermijden dat er foutjes in de toets zitten, maar soms is dat niet te voorkomen. Als ik de toets zelf niet heb ingezien voordat ik de toets afneem, bijvoorbeeld. Het komt helaas geregeld voor dat ik vlak voor het afnemen van de toets de stapel papieren in mijn hand gedrukt krijg. Probeer dan maar eens in die paar minuten de toets te controleren op fouten en andere rare dingen.

Het blijft lastig, die vragen tijdens een toets. Het liefst schaf ik alle vragen af en spreek ik met de leerlingen een teken af voor als ze een extra blaadje willen. Het opsteken van hun volle blad bijvoorbeeld. Maar of dat ook haalbaar is?

Liefs!

woensdag 2 oktober 2013

Wel of niet: de leerlingen zelf hun huiswerk laten nakijken?

Ja. Daar kan ik heel lang over doen, maar het kan ook gewoon in één woord: ja. Natuurlijk, er valt van alles voor te zeggen. Ik weet dat er collega’s zijn die dit niet doen, en al helemaal niet in de brugklas. Ik spreek hier trouwens alleen voor en over wiskundecollega’s. Hoe het er bij andere vakken aan toe gaat en wat daar optimaal is, dat weet ik niet… Maar voor nu: alleen wiskunde. Maar ik doe het wel en ik vind het fijn.

Kijk, ik snap ook wel waarom mijn collega tegen de (brugklas)leerlingen zegt dat ze de antwoordboekjes thuis mogen laten en niet open hoeven te doen. Klassikaal nakijken kan in het begin heel fijn zijn om alle foutjes er bij de leerlingen uit te halen, om ze nog wat vragen te laten stellen en om de ‘veelgemaakte fouten’ er elke keer bij te vermelden, met daarbij ook de opmerking waarom die fouten veel gemaakt worden en hoe het wel moet. En zo. Maar ik vind het ten eerste – sorry – heel tijdrovend. Stom excuus natuurlijk, maar het is nu eenmaal zo. De voorkennis ophalen, de nieuwe theorie bespreken, samen oefenen, zelfstandig oefenen, schriftcontroles, vragen laten stellen en de les afsluiten kost al veel tijd en een lesuur duurt ‘maar’ vijftig minuten. En ten tweede… Nou ja, dat komt straks.

Nee, ik begin er niet aan. Klassikaal nakijken, inclusief het laten stellen van vragen, duurt zeker een kwartier. Waar moet je die tijd vandaan halen? Ik laat de leerlingen zelf nakijken. Ik merk aan ze dat het nieuw voor hen is om zelf na te kijken. Daarom vertel ik het er nog elke keer bij. ‘Kijk thuis ook je huiswerk na,’ zeg ik vaak. Ik vraag me wel eens af of ze er niet helemaal gek van worden. En toch zijn er altijd leerlingen die het vergeten.

Waarom ik ze zelf het huiswerk laat nakijken? Ik noemde net al een eerste reden. Maar een tweede, hele belangrijke, reden: ze leren er veel meer van. Denk ik. Dat is dan natuurlijk vooral bij wiskunde het geval. Bij wiskunde gaat het vooral om het ‘doen’. Je kunt de samenvattingen zo vaak lezen als je wilt, maar als je niet oefent, dan gebeurt er niets. Tenzij je gezegend bent met een wiskundeknobbel.

In ieder geval… Ik zou er geen lang verhaal van maken. Ik laat de leerlingen de opgaven maken, ik laat de leerlingen de gemaakte opgaven nakijken en, het belangrijkste, ik laat de leerlingen hun opgaven – die ze fout hadden, natuurlijk! – verbeteren.

Ik kan nog veel meer vertellen over hoe de leerlingen de opgaven moeten verbeteren, maar dan wordt het een erg lange blog. Ik houd het voor hierbij. Het belangrijkste is in ieder geval gezegd: ik laat de leerlingen dus wél nakijken.

Liefs! 

woensdag 18 september 2013

Wel of niet: aantekeningen overnemen?

Ik heb er weer één: een nieuwe label voor op mijn site. Een dilemma, voor op de woensdag. Gewoon, omdat het kan. En omdat de tips en de lijstjes een klein beetje beginnen te vervelen.

Vorig jaar heb ik het bijna nooit gedaan. Aantekeningen geven. Ik kon me niet herinneren dat ik vroeger bij wiskunde (of bij welk ander vak dan ook) een aantekening kreeg, dus daarom deed ik het ook niet. Tot ik vorig jaar andere leerlingen hoorde dat ze zo veel aantekeningen kregen bij wiskunde. Maar… Hoe dan?

Eén van de dingen die ik dit jaar wilde veranderen, maar wat ik niet bij de ‘officiële’ veranderingen heb neergezet, is het geven van aantekeningen. De aantekeningen van vorig jaar zijn op twee handen te tellen. En dan heb ik het ook echt over het gehele jaar, voor zowel de brugklas als de tweede klas. Dit jaar wilde ik het anders. Die schriften van de leerlingen moeten vol komen met aantekeningen!

We zijn nu twee weken verder en mijn brugklasleerlingen worden al helemaal gaar van de aantekeningen. ‘Moeten we alweer schrijven?’ hoor ik dan. ‘Ja,’ antwoord ik dan, ‘en morgen ook.’ Blijkbaar kan ik geen tussenweg vinden tussen nauwelijks tot geen aantekeningen en élke les een aantekening. Maar… Ik kan ook eigenlijk niet de schuld alleen bij mij neerleggen. Het eerste hoofdstuk bij de brugklas bestaat uit heel veel nieuwe begrippen. Heel veel. Ik móet wel aantekeningen geven, anders slaan ze de begrippen misschien niet op.

Het volgende hoofdstuk is gelukkig een rekenhoofdstuk. Een hoofdstuk met nauwelijks begrippen, dus dat betekent ook nauwelijks aantekeningen. Daar zullen de leerlingen blij mee zijn!

Maar, aantekeningen overnemen, wel of niet? Wel dus. Ik was er voorheen niet zo van, maar ik zie er nu echt wel de voordelen van in. Ik blijf dus lekker doorgaan. En die leerlingen… Ach, die moeten niet zeuren!

Liefs!

P.S. Op sommige momenten vind ik het oprecht jammer dat ik weinig lezers/commenters heb. Ik stoor me er nooit aan, maar hoe leuk zou het zijn als ik lezers-dillema’s kan voorleggen?