maandag 8 juli 2013

Ik hou van wiskunde - eindles brugklas

Ik schreef vorige week al over de laatste les die ik in 2havo gaf. Toen deed ik een rekenbingo met mijn leerlingen. De drie lesuren erna gaf ik de laatste lessen aan mijn brugklassen. In die lessen ging iets meer voorbereiding zitten. Ik deed in die laatste les een spel dat lijkt op “Ik hou van Holland” van televisie. Maar dan met wiskundevragen. Ik hou van wiskunde dus.

Ik begon de dag van tevoren met de voorbereiding. Ik verzon de spelrondes die ik in de quiz wilde hebben en ik bladerde door het boek voor inspiratie bij het opstellen van de vragen. Ik wilde vrij algemene vragen hebben over onderwerpen die niet te moeilijk waren. Vragen waarop de leerlingen het antwoord wel zouden weten, met een klein beetje graven in hun geheugen. Dat is uiteindelijk wel gelukt.

Toen ik ’s avonds thuis kwam heb ik er een PowerPointpresentatie bij gemaakt. Zo konden de leerlingen de vragen meelezen op het bord. Bovendien staat het ook een tikkeltje professioneler als ik er wat meer werk in steek. Én ik kan het de komende jaren gewoon blijven gebruiken!

Ik was heel benieuwd wat de leerlingen er van zouden vinden. Om niet te veel te stuntelen voor de klas heb ik het goed voorbereid. Ik had de antwoorden van tevoren al in een kladblokje geschreven en ik had alles van tevoren uitgedacht. Wat dat betreft ging het dus perfect!

Ik heb de klas in vijf groepen van ongeveer vijf leerlingen verdeeld. De quiz bestond uit vijf spelrondes. Bij één klas kwam ik niet aan de laatste spelronde toe omdat ik tussendoor best veel waarschuwingen heb moeten geven, maar op zich is vijf rondes precies genoeg voor een lesuur van 40 minuten.

Spelronde 1 was spellen. Ik had tien woorden opgezocht in de twee wiskundeboeken die redelijk lastig waren. Parallellogram natuurlijk, want daar struikelt iedereen over. Maar ook geodriehoek bleek een best lastig woord te zijn, net als vermenigvuldigingspunt en diagonaal. Bij de eerste spelronde liet ik uit ieder groepje één leerling naar voren komen. De teamleider uit het groepje mocht iemand aanwijzen van wie hij/zij dacht dat diegene goed kon spellen.

Spelronde 2 bestond uit open vragen. Dit spreekt voor zich. Bij deze ronde mocht iedereen meedoen. Bij de vorige ronde waren er slechts vijf leerlingen aan het nadenken (en meedoen), bij deze ronde kon iedereen een beetje actief worden. Ik stelde de vragen en zodra iemand het antwoord wist, moest hij/zij opstaan. Degene die het eerst stond, mocht het antwoord zeggen. Als een leerling al stond nog voordat hij/zij het antwoord wist, werd het groepje gediskwalificeerd.

Spelronde 3 was een meerkeuzevraag. Uit ieder groepje ging één leerling staan. Als diegene het antwoord wist, moest de leerling zijn vinger opsteken. Als ik dit als ronde 2 zou doen, zou ik het overzicht niet meer hebben. Daarom waren hier maar vijf leerlingen die het antwoord mochten zeggen.

Spelronde 4 waren de snelle rekensommen. Iedereen mocht een antwoord roepen, net als bij ronde 2. Het grappige was dat ik in één klas een leerling had zitten die onwijs snel is met hoofdrekenen. Hij was zo snel met rekenen dat de rest van de klas al snel iets had van: pfff, ik ga al niet eens meer nadenken!

De laatste ronde, ronde 5, waren de schattingsvragen. Het groepje speelde hierbij als een team. Ik stelde vragen (“Schat het kwadraat van 543”) en de leerlingen moesten binnen 30 seconden het antwoord op een briefje schrijven en deze bij mij inleveren. Ik rekende dan snel uit wie het dichtst bij zat.

De score hield ik bij op het whiteboard. Aan het eind van de quiz maakte ik de winnaar bekend. Het winnende groepje mocht bij mij een prijs uitzoeken (variërend van een geodriehoek tot een grappige pen, van een gum in de vorm van een iPhone tot een tol met daarin een viltstift).

Ik vond het een geslaagde les en ik weet zeker dat de leerlingen dat ook vonden!

Liefs!

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen