woensdag 12 februari 2014

Tip: Respecteer de opvoeding (#35)

Enkele weken terug had ik een gesprek met een “lastige” vader, voor zover ik hem zo mag noemen. Hij was het niet eens met sommige aanpakken van mij en wilde dit graag anders zien.
Hoofdstuk 22, tip 4: Respecteer de opvoeding
Je kunt je waarschijnlijk niet altijd vinden in de opvoedingsstijl van een ouder. Accepteer dit en dring ze niet jouw opvoedtips op. Je begeeft je dan op glad ijs. Maak wel altijd duidelijk wat jouw regels zijn in de klas, want daar ligt jouw verantwoordelijkheid. En benadruk jullie gemeenschappelijke belang; dat het goed gaat met het kind.
Deze vader is nogal streng voor zijn zoon. Het kind moet en zou volgend jaar vwo gaan doen en vader doet er alles aan om zijn zoon daar te krijgen. Een 7,3? Niet goed genoeg! Een 7,8? Dat kan beter! Vader dwingt de zoon om goed naar zijn fouten te kijken, maar ook om mij aan te spreken op zo’n beetje alles waar eventueel nog punten te behalen zijn. Er staan geen berekeningen, maar het antwoord is wel goed. Voor mij een reden om geen enkele punt toe te kennen. Voor de vader een reden om zoon op mij af te sturen.
Ik snap de vader wel. Natuurlijk is het gaaf om je zoon naar vwo te zien gaan, om je zoon goede cijfers te zien halen en om later naar de diplomauitreiking van je zoon te kunnen gaan voor een of andere studie met ontzettend moeilijke woorden. Toch kan ik me niet vinden in zijn aanpak. Zoon is namelijk geen vwo-leerling. Een vwo-leerling is geïnteresseerd, een vwo-leerling heeft een goede werkhouding en een vwo-leerling heeft geen duizend waarschuwingen nodig voordat hij aan het werk gaat. Deze jongen wel. De jongen met het mobieltje, de jongen die de grenzen opzoekt, de jongen die liever op etuis tekent dan dat hij in de les aan het werk gaat. De jongen die passerbogen uitgumt, zelfs na honderd keer te hebben benadrukt om deze te laten staan. De jongen die geen berekeningen opschrijft, ondanks dat het duidelijk bovenaan de opgave staat (en ondanks dat de docent (ik!) het al zo vaak heeft gezegd).
Natuurlijk is het niet erg dat deze jongen een havo-leerling is. Maar dat vindt vader wel. En daar kan ik me niet helemaal in vinden. Ik fantaseer wel eens. ‘Als ik later een kind heb, dan ben ik echt een stuk milder,’ zeg ik dan. Of: ‘Mijn kind hoeft van mij geen vwo te doen, als hij/zij maar zijn best doet.’ Het belangrijkste vind ik dat het kind, of het nu die van mij is of die van iemand anders, op het juiste niveau zit. Dat hij/zij niet boven zijn kunnen moet presteren, maar ook zeker niet dat het kind zich in de les moet vervelen. Het maakt dan niet uit welk niveau het is, als het kind er maar gelukkig mee is.
Ik heb dat niet zo tegen vader gezegd, omdat ik dat te ver vind gaan. Wat hij voor toekomstbeeld van zijn zoon heeft, moet hij weten. Ik weet alleen dat we allebei hetzelfde willen: het beste voor zijn zoon.
Liefs!

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen