dinsdag 9 september 2014

Geen perfecte mentoractie

Ik ben absoluut geen perfecte mentor. Ik doe mijn best om een goede, fijne mentrix te zijn, maar vandaag zat ik héél ver bij het perfecte vandaan. Ik heb drie keer iets door de ogen gezien, bij één leerling, binnen vier uurtjes tijd. 

Het eerste uur kwam hij binnen. 'Mevrouw, ik heb gistermiddag per ongeluk gespijbeld,' zei Chang. 'Ik dacht dat we na het zevende uur al klaar waren, maar we hadden het achtste uur nog Nederlands.'
Ik vergat om mijn mentorrol in te stappen en het enige wat ik kon doen, was heel hard lachen. Ik heb een half uur lang grapjes gemaakt over zijn actie. Pas daarna bedacht ik me dat het beter zou zijn geweest als ik hem naar de afdelingsleidster had gestuurd.

Ik gaf mijn leerlingen de laatste tien minuten van het mentoruur de tijd om hun huiswerk te maken of om een boek te lezen. Chang ging naast het tafeltje van een klasgenoot staan. Met z'n tweeën keken ze verdacht veel in het derde schrift dat open op tafel lag. Toen ik erbij ging staan, keken ze niet op of om.

'Lukt het met overschrijven?' vroeg ik. Ze twee leerlingen keken me even geschrokken aan. 'Maar mevrouw,' schoot Chang meteen in de verdediging, 'ik had gisteren geen tijd om mijn huiswerk te maken.'
'Geen tijd?' vroeg ik zogenaamd verbaasd. 'Je had vijftig minuten langer de tijd dan de rest van de klas, weet je nog?' 

Tot zover het eerste lesuur. Maar toen ik de leerlingen het vierde lesuur weer zag, dit keer voor een wiskundeles, zag ik Chang met zijn telefoon in zijn hand staan. Die zijn bij ons op school heel erg verboden. Daar staat twee tot drie uur nablijven voor, ligt aan de bui van de mentor of afdelingsleider. 
'Hé, een Samsung. Wat levert zo'n tweedehands dingetje op op Marktplaats?' 
Chang keek me geschrokken aan. Een telefoon afpakken van een tiener is als een snoepje afpakken van een peuter. Het hele lesuur lag zijn mobiele telefoon te pronken op de hoek van mijn bureau. Ik zag hem af en toe gluren en elke keer voelde ik weer een lach opkomen. Ahh, ik had best wel medelijden met hem!
Drie minuten voor het einde van de les riep ik de klas tot orde. 'Ik heb een getal onder de honderd in mijn hoofd. Wie het getal raadt, wint een Samsungtelefoon inclusief oordopjes.'
De ogen van Chang werden steeds groter. Hij is zo goedgelovig, die jongen. Ik liet alle leerlingen één voor één raden. Uiteraard raadde niemand het juiste getal. Chang was als laatste aan de beurt.
'Eénenzestig?' vroeg hij hoopvol. 
Ik lachte. 'Bofkont! Maar reken er maar op dat je volgende keer echt niet zo veel geluk hebt.'

De telefoon verdween snel in zijn tas. Groot gelijk, want de eerstvolgende keer dat ik dat ding zie, mag hij drie uur lang nablijven. Ho, wacht. Mag? Moet!

Liefs!

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen