zondag 12 mei 2013

Dankbaarheidslijstje #8

In de meivakantie is het me even ontschoten. Daarom zet ik vandaag een lijstje online met alles waar ik in de meivakantie dankbaar voor was. Ik heb het kort gehouden, maar er is zo veel meer om dankbaar voor te zijn.

In de meivakantie was ik dankbaar voor…
… de zon die op veel dagen toch aanwezig was.
… de regenachtige dagen waarop ik thuis mocht blijven en mocht schrijven voor mijn blog, schrijven aan mijn verhaal en lezen in zoetsappige chicklits.
… mijn opgeknapte balkon die mijn vriend en ik romantisch hebben aangekleed.
… de dagen dat ik kon ontbijten op mijn balkon.
… de avond dat ik spontaan met mijn familie naar een pizza-restaurant ging.
… en de avond dat ik spontaan met mijn schoonfamilie naar een geweldig restaurant ging.
… de scootertocht van ruim anderhalf uur die ik met mijn vriend maakte door de weilanden.
… mijn vriend, met wie ik veel dagen en nachten samen heb mogen zijn.
… de sportschool, waar ik een paar dagen aardig wat calorieën heb verbruikt.
… mijn doorzettingsvermogen om eindelijk weer een verhaal af te schrijven.
… de up-tempo-nummers van Justin Bieber waar ik soms stiekem naar luister als mijn vriend er niet is.
… de vele uren vrije tijd die ik heb gebruikt om vooruit te schrijven voor mijn blog.
… mijn inspiratie om een (hopelijk) leuke les over cirkels te geven aan de brugklas de komende week.
… het uitslapen om de meeste dagen. Wat was dat heerlijk!

Kortom: mijn meivakantie was heerlijk! Het zal even wennen worden om morgen weer vroeg op te staan. Gelukkig hebben al die vrije dagen me energie gegeven om ook die laatste weken er nog even vrolijk tegenaan gegaan.

Liefs!
 

zaterdag 11 mei 2013

Meivakantie deel 2/2

Vorige week schreef ik al dat er te veel op mijn lijstje stond om uit te voeren. Het is tenslotte vakantie: ik hoef in principe niets. Toch heb ik nog aardig wat dingen van mijn lijstje kunnen strepen. Alle acties uit week 1 die ik toen niet heb uitgevoerd, staan er nu ook tussen.

Schrijven
- Hoofdstuk 5 t/m 10 van mijn verhaal ‘verbeteren’
- Hoofdstuk 11 t/m 17 van mijn verhaal ‘verbeteren’
Uiteindelijk kostte het me minder tijd dan ik dacht, het herschrijven van alle hoofdstukken van mijn verhaal. Een bijkomend voordeel is dat ik hierdoor ook meteen weer goed in mijn verhaal zit. Sterker nog: ik zat ineens zo in het verhaal dat ik schreef, schreef, schreef. En ineens was daar het eind van mijn verhaal. Kortom: het verhaal is af. Ik ga het nog één of twee keer helemaal nalopen en checken op (spel/taal)fouten. En wat ik er daarna mee ga doen… Geen idee. Opsturen?

Blog
- Blog maandag 6 mei schrijven
- Blog woensdag 8 mei schrijven
- Blog zaterdag schrijven
- Blog maandag 13 mei schrijven
- Blog woensdag 15 mei schrijven
Alle blogs die ik wilde schrijven heb ik geschreven. Een deel staat online, de rest komt aankomende week online.

- Werken aan ‘documenten’
Helaas.

Lezen
- Boek 2 lezen
- Blog over boek 2
Opnieuw las ik deze week een boek van Petra Kruijt: Lieve ik. Ik zag hem staan in de bibliotheek en dacht: die moet ik hebben! Binnen een paar dagen had ik hem uit én schreef ik er een blog over op mijn andere site. Aanrader!

- Boek 3 lezen
- Blog over boek 3
Daarnaast las ik een verhalenbundel dat al een paar maanden in mijn kast stond. Ik blijf de voorkeur geven aan een echt boek van ruim 200 pagina’s dan aan korte verhalen van elk maximaal twintig bladzijden, maar het was wel even leuk voor de afwisseling.

Sporten
- Drie keer sporten 
Het sporten ging helaas niet zo goed. Vorige week vrijdag liep ik iets te hard van stapel, doordat ik twee afleveringen van ‘rennen met Evy’ deed. Op dat moment voelde ik me geweldig, maar de afgelopen week had ik er flink de balen in. Ik had ontzettend last van mijn onderbenen/kuiten.
Ik dacht dat het spierpijn was, maar het is de hele week nog niet weggegaan. Af en toe zwakt het af, maar zodra ik de trap op of af loop is het direct weer aanwezig. Bah! Daarom heb ik besloten deze week wat meer rust te nemen en heb ik slechts twee keer gesport (met veel pijn en de loopband vermijdend). Ik ga hard duimen dat het zo snel mogelijk weg is, dan kan ik volgende week weer genieten van de loopband.

Werk
- Werkvorm cirkels
Ja! Hij staat al bij de documenten, maar een blog moet ik er nog over schrijven. Deze komt uiteraard pas als ik de les heb uitgevoerd.

- Werkvorm bedenken
Nee…

Ik heb nog aardig veel dingen van mijn lijstje af kunnen strepen. Ik baal er heel erg van dat ik deze week niet écht heb kunnen sporten. Een jaar lang heb ik kunnen sporten, maar wilde ik niet. Nu heb ik meer dan ooit zin om hard te lopen en dan werken mijn benen niet mee. Shit happens.

Ik ben zeer tevreden over wat ik allemaal heb uitgespookt in de meivakantie. Ik heb bijna alles kunnen doen wat ik wilde en daarnaast heb ik ook heerlijk kunnen uitrusten. Als klap op de vuurpijl heb ik ook nog eens mijn verhaal afgeschreven, waar ik heel blij mee ben! Ik zit nu helemaal in de schrijfmodus, dus binnenkort ga ik beginnen aan een nieuw verhaal. Maar niet voordat ik het vorige verhaal helemaal heb verbeterd en nagelopen op kleine dingen.

Volgende week begint het werken weer. Ik zag in de jaarplanning dat ik nog vijf weken les hoef te geven. Daartussen zit een activiteitenweek. Na die zes weken moet ik nog surveilleren bij de proefwerken, zijn er nog vergaderingen en andere afrondingsdingen. Ik keek heel erg uit naar de zomervakantie, maar het komt nu toch wel ineens erg dichtbij…

Liefs!

woensdag 8 mei 2013

10 manieren om… optimaal te genieten van de (mei)vakantie

Ik weet dat velen weer aan het werk zijn, maar mijn meivakantie duurt dit jaar twee weken. En sorry voor de wel-werkenden, maar twee weken is echt Heerlijk. Inderdaad, met een hoofdletter H.

Hieronder staan 10 manieren om optimaal te kunnen genieten van de meivakantie. Dingen die ik dit jaar heb gedaan, dingen die ik volgend jaar anders kan doen en dingen die ik ook standaard doe voor een vrij weekend.

1. Zorg dat je al het ‘werk’-werk af hebt. En dan bedoel ik dus de minst leuke dingen, de dingen waar je tegenop ziet. Ik had helaas het briljante idee om ergens in de meivakantie mijn twee toetsen na te kijken, want ‘dan heb ik toch tijd genoeg’. Ik heb het een week voor me uitgeschoven en ik heb er dagen lang tegenop gezien. Volgend jaar zorg ik dat ik al het nakijkwerk van tevoren afrond.
2. Maak geen to do-list. Ik heb aan het begin van mijn vakantie een lijstje gemaakt met dingen die ik in de vakantie wilde doen. Afgelopen zaterdag kwam mijn blog online met het confronterende feit dat ik veel dingen niet heb gedaan. Teleurstellend. Terwijl ik zonder dat lijstje toch heen tevreden ben over de eerste week van mijn vakantie! Daarom kijk ik deze week ook niet meer naar het lijstje dat ik heb gemaakt voor de tweede week. Alles wat ik wel doe is mooi meegenomen. Doe ik iets niet, ook geen probleem.
3. Zoek de zon op. Dat kan in een warm, zonnig land, maar ook in Nederland laat de zon zichzelf zien. Ik ontbijt nu standaard op mijn balkon, omdat ik daar ’s morgens zon heb. Een fijn begin van de dag!
4. Lees! Mijn boekenkast staan nog vol met boeken die ik wil lezen. Het gaat me niet lukken om alle twintig boeken in twee weken uit te lezen, maar drie moet zeker wel lukken. Ik lees op de bank, op het balkon, in bed… Het maakt niet uit, eigenlijk vind ik lezen op elke willekeurige plek wel ontspannend.
5. Sport! Er is een tijd geweest dat ik met plezier drie tot vijf (!) keer per week naar de sportschool ging. Dat gaf me altijd een goed gevoel, zeker omdat ook de kilo’s eraf vlogen. Nu ik een vriend heb, zie ik de sportschool alleen nog van de buitenkant. Maar… Daar is verandering in gekomen. Vanaf de eerste dag dat ik vakantie had, ben ik weer actief in de sportschool. Dat gelukkige gevoel van toen is weer terug!
6. Ga elke dag naar buiten. Op mijn vrije dagen wil het nog wel eens zo zijn dat ik de hele dag binnen zit. Op dat moment is het heel fijn, maar aan het eind van de dag voel ik me zo nutteloos. Daarom moet ik van mezelf elke dag naar buiten, ook als ik geen zin heb.
7. Ontspan. Het maakt niet uit hoe, maar ontspan. Geniet ervan dat je niet hoeft te werken, dat je (in mijn geval) geen vervelende leerlingen om je heen hebt, geen stapels nakijkwerk of lessen die je moet voorbereiden. Geniet van het feit dat je niets hoeft! Ontspannen kan op verschillende manieren. Een uur in bad liggen, een massage, buiten hardlopen of, zoals ik vaak doe, met een goed boek.
8. Duim voor een regenachtige dag. Een dag dat je de hele dag in je pyjama kunt blijven en in bed tv mag kijken. Een beetje tegenstrijdig met punt 6, maar één dag smokkelen kan best.
9. Haal al je slaap in van de afgelopen weken. In de vakantie zet ik geen wekker. Er zijn helaas dagen bij dat ik word gewekt door een huilende baby van de buren, maar de andere dagen blijf ik rustig tot tien uur op bed liggen. Heerlijk! (Nu maar hopen dat ik volgende week weer makkelijk in het ritme kan komen.
10. Doe alles waar je normaal gesproken geen tijd voor hebt. Ik besefte laatst dat ik nauwelijks nog films kijk. Vroeger lag ik regelmatig op een vrije dag/avond één of meerdere films te kijken, het liefst op bed. Tegenwoordig doe ik dan nooit meer. Daarom heb ik deze vakantie weer allemaal leuks films gekeken.

Liefs!

dinsdag 7 mei 2013

Blog nummer 200!

Op 14 december 2012 schreef ik mijn honderdste blog. Nu, ruim vier maanden later, zet ik nummer 200 online.

Wat is dat snel gegaan! In twintig weken tijd heb ik honderd blogs geschreven en dat vind ik best een prestatie. Mijn streven is altijd geweest om drie blogs online te zetten in één week (maandag, woensdag en zaterdag). Daar heb ik het afgelopen half jaar dus flink boven gezeten. Mijn (bijna) wekelijkse dankbaarheidslijstje is erbij gekomen en ook af en toe een herinnering, een lesmoment of een update van mijn voornemens tussendoor zorgde ervoor dat ik gemiddeld vijf blogs per week online had staan. Wauw.

Met mijn reacties gaat het nog steeds hetzelfde als een half jaar terug. Ik heb me erbij neergelegd dat mijn blog wel wordt gelezen, maar dat er zelden iemand iets die een reactie achterlaat. Geen probleem! Waar ik wel heel blij mee ben is mijn bezoekersaantallen. Ik zie met blogger helaas het aantal unieke bezoekers niet, maar het aantal pageviews per dag zit bijna altijd boven de 100 (en soms zelfs boven de 150).

In mijn honderdste blog schreef ik dat ik meer wilde doen aan de ‘Documenten’. Het loopt nog geen storm, maar er staat al zeker meer bij dan een vijf maanden terug. Ik heb er extra oefenopgaven tussen gezet en afgelopen weekend heb ik ook een werkblad online gezet over cirkels. Een blog heb ik daar nog niet over kunnen schrijven, omdat ik de les nog niet heb uitgevoerd, maar die gaat er ongetwijfeld komen.

Voor de periode van blog nr. 201 naar 300 heb ik weinig anders in petto dan ik nu heb gedaan. Natuurlijk heb ik weer meer te doen aan de documenten (zoals altijd) en ik hoop nog steeds op het mooie gemiddelde van 4/5 blogs per week te zitten, maar verder blijf ik zo mijn gangetje gaan.

Liefs!

maandag 6 mei 2013

Emoties de baas blijven

Ik weet nog dat er een tijd was dat ik mezelf van alles aan trok. Als een leerling bijvoorbeeld iets niet snapte, gaf ik slecht les. Als een leerling geen zin had in wiskunde, bracht ik het niet leuk genoeg. Als een leerling geen huiswerk had gemaakt, vond hij/zij mijn vak niet leuk (en mij dus ook niet!). En als een leerling vervelend tegen me deed… Tja, dan had ik eigenlijk de hele dag een rothumeur.

Tegenwoordig probeer ik al die rare emoties te bedwingen. Als een leerling iets niet snapt, dan leg ik het op een andere manier uit. Of ik laat het een andere leerling uitleggen, zodat ze van elkaar kunnen leren. Als een leerling een vervelende opmerking maakt, reageer ik daar koel op. Of ik negeer het.

Met ruim honderd leerlingen voor mijn neus kan het niet anders dat niet iedereen positief over me is. Dat heb ik wel geleerd tijdens mijn stages. Ik dacht altijd wel dat ik een aardige docent was, tot ik op een Hyves-pagina van één van mijn stageleerlingen kwam. Toen ik daar iets las over hoe ze over mij dachten (het was niet eens zo heel erg), had ik de hele dag een rotdag. Ik had geen zin in stage en in die klas al helemaal niet. Waar ik toen nog een rotbui kreeg, kan ik het nu van me afzetten.

Maar hoe doe ik dat dan? Eigenlijk weet ik het precieze antwoord daar ook niet op. Er is een knop omgegaan. Natuurlijk vind ik het nog wel vervelend als een leerling een vervelende opmerking maakt of als een leerling met haar (want in dit geval gaat het om een meisje uit de brugklas) ogen rolt wanneer ik iets zeg, maar het doet me niet zo veel meer. Binnen een paar seconden is het uit mijn hoofd en ga ik weer verder met waar ik gebleven was.

Ik denk dat acceptatie een grote rol speelt in het “uitzetten” van mijn emoties. Zoals ik al zei heb ik geleerd dat niet iedereen me aardig of leuk kan vinden en daar heb ik vrede mee. Ik vind ook niet alle leerlingen of al mijn collega’s even leuk. Dat kun je ook niet van een mens verwachten. Door die acceptatie sta ik het toe dat er leerlingen zijn die minder positief over me denken dan anderen. Maar zo lang ik het naar mijn zin heb voor de klas en zolang er meer leerlingen zijn die het wel met me kunnen vinden, vind ik het prima.

Uitzetten was misschien niet helemaal het goede woord. Tijdens het lesgeven zet ik mijn emoties namelijk helemaal niet uit. Ik kan me nog steeds gelukkig voelen als ik een perfecte les heb gedraaid of als een leerling een compliment maakt over mij. Afzwakken is waarschijnlijk een beter woord. Als ik in het dagelijks leven, bijvoorbeeld van mijn vriend, te horen krijg dat ik iets niet goed doe, vind ik dat namelijk veel erger dan wanneer een leerling het zegt. Natuurlijk is dat ook wel vervelend, maar ik ga er voor de klas anders mee om.

Ik denk dat het een goede eigenschap van een docent is als je je emoties op deze manier de baas blijft. Toen ik dat namelijk nog niet kon, zat ik binnen no-time thuis met iets wat ze met een groot woord een burn-out noemen.

Liefs!

zaterdag 4 mei 2013

Meivakantie deel 1/2

Halleluja, wat gaat een week vakantie toch snel voorbij. En als je me vraagt wat ik de afgelopen week heb gedaan, dan kan ik daar niet echt een antwoord op geven. Het lijkt alsof het in één seconde voorbij is gegaan. Ik kan me alleen nog herinneren dat ik te vaak mijn pinpas door het apparaat heb getrokken. Of erin heb gestopt dan, op de nieuwe manier. Met als resultaat: gevulde keukenkastjes, gevulde koelkast, een opgeleukt balkon, een barbecue en een nieuw boek.

Oké, en ik heb ook nog wat dingen van mijn lijstje uit kunnen voeren. Niet alles, maar hé: het is vakantie!

- Hoofdstuk 5 t/m 10 van mijn verhaal ‘verbeteren’
Nee, hier ben ik niet aan toegekomen. Het was ook eigenlijk te mooi weer om binnen achter de computer te zitten. Misschien komt dat dit weekend of de komende week nog.

- Blog maandag schrijven
- Blog woensdag schrijven
- Blog zaterdag schrijven
Ja, ja en ja. Het resultaat ervan staat op mijn blog.

- Blog maandag 6 mei schrijven
- Blog woensdag 8 mei schrijven
Nee, beide (nog) niet gedaan. Eigenlijk om dezelfde reden als punt één: ik heb niet veel achter de computer gezeten. Ik ga proberen morgen wat meer uurtjes te spenderen met mijn computer. Maar ik beloof niets.

- Toets 3havo nakijken
- Toets 2havo nakijken
Ja, beide toetsen heb ik nagekeken. De resultaten zet ik pas aan het eind van de vakantie op de website. Voor sommige leerlingen zou het de vakantie kunnen verpesten om nu al hun cijfer te zien.

- Werkvorm cirkels
Nee. Ook iets voor de komende week! (Of een andere keer...)

- Boek 1 lezen
- Blog over boek 1
Jazeker! Ik las een leuk boek van Petra Kruijt: Twijfels over België. Een aanrader, zeker voor in de vakantie. Benieuwd? Lees hier de blog over het boek!

- Drie keer sporten
Jaaa! Ik heb het weer te pakken. Ik ga weer met plezier naar de sportschool toe. Ik kijk met name uit naar de loopband. Gisteren heb ik zelfs twee afleveringen van ‘rennen met Evy’ voldaan. TWEE! Dat is een uur op de loopband. Ik was best trots op mezelf daarna!

Voor de komende week staan er veel dingen op mijn planning. Te veel. Het lezen van twee boeken lukt wel, het schrijven van mijn blogs moet ook lukken. Maar mijn verhaal helemaal uitwerken? Leuke werkvormen bedenken? De documenten bijwerken? Neh. Het is leuk als het lukt, maar ik vind het ook niet erg als ik dat weer niet van mijn lijstje heb kunnen afstrepen. Het is tenslotte vakantie!

Liefs!

woensdag 1 mei 2013

Tip: Drink veel & Spaar je stem (#19)

Een half jaar geleden schreef ik al een blog over de stem. Nog vrij recent dus, maar ik vond het tijd worden om eens een tip uit het gelijknamige hoofdstuk te kiezen. Vooral voor mezelf, omdat ik merk dat ik de laatste tijd aardig wat stemproblemen heb.

Hoofdstuk 4, tip 4: Drink veel
Hou de slijmvliezen van je stembanden vochtig door veel water te drinken. Zet bijvoorbeeld een fles water op je tafel. Van cafeïne in koffie en gewone thee drogen je stembanden uit, dus drink hier niet te veel van. Groene thee of kruidenthee kunnen weer wel. Thee van Kaasjeskruid is heel heilzaam omdat het een beschermend laagje op het slijmvlies legt.

Zoals ik in mijn vorige blog over dit onderwerp al had beschreven: elke les staat er een gevuld flesje water op mijn bureau. Ik heb vooral de afgelopen maand erg last van mijn keel. Vooral de vervelende kriebelhoesten zijn irritant. Omdat dit in de les geregeld voorkomt, drink ik gerust drie flesjes water leeg.
Wat ik helaas ook doe, is koffie drinken. Het is dan wel koffie in een lekkerdere vorm (latte machiato, café choco, wiener melange etc.), maar het blijft koffie. Daarnaast drink ik ook thee. Op mijn werk (en thuis) staan zo veel lekkere smaakjes, dat ik van alles afwissel. Naast groene thee drink ik ook normale thee. En dat schijnt dan weer niet zo goed voor je keel te zijn…

Hoofdstuk 4, tip 7: Spaar je stem
Je hoeft niet altijd je stem te gebruiken. Train je klas op stilte door kort in je handen te klappen, dat spaart je stem. En vermijd hoesten, schrapen en kuchen: zoveel orkaankracht is slecht voor je stembanden. Geef je stem regelmatig even rust, bijvoorbeeld door minder klassikaal les te geven of je lessen meer af te wisselen.

Oei. Hoesten doe ik, kuchen doe ik, schrapen doe ik, af en toe lang praten voor de klas doe ik… Niet zo goed voor mijn stem! Enige tijd geleden heb ik een fietsbel gekocht voor in mijn klas. De eerste weken werkte dat fantastisch. Zodra ik even belde, werd iedereen stil. Langzamerhand is het effect van het harde belletje weg en is niet iedereen even stil. Helaas. En wat doe ik dan? Inderdaad, iedereen stil krijgen met mijn stem. Weer zo’n dingetje dat niet heel goed is voor mijn stembanden.

Ik heb nog zo’n zes lesweken te gaan voordat ik mijn stembanden een paar weken kan laten rusten. Wat ga ik in die weken (anders) doen?
- Nog steeds veel water blijven drinken
- Vaker kiezen voor groene thee in plaats van normale thee
- De koffie inruilen voor (groene!) thee of water
- De leerlingen trainen om stil te worden, op een andere manier dan door middel van stemgebruik

En nu maar hopen dat de stemproblemen als sneeuw voor de zon verdwijnen.

Liefs!

Mijn voornemens, update 4

1 mei 2013. Nog even en het is weer oud & nieuw... (Grapje) Hieronder een overzichtje hoe het staat met de voornemens voor 2013. Welke gaan goed, welke totaal niet? 

1. Verder met mijn blog
Bijna 200 blogs online. Wat een mooi getal! Ik heb er wel vertrouwen in dat ik op 31 december dit jaar 333 blogs online heb staan. De meivakantie is volop bezig, dus tijd genoeg om (vooruit) te schrijven. Blijf dus vooral terugkomen.

2. Een boek schrijven
Dankzij de stok achter de deur (mijn vriend) heb ik mijn zondagen omgetoverd tot schrijfdagen. Ik schrijf dan tot mijn inspiratie op is. Dat zijn vaak 1000 à 2000 woorden. Ik zit nu op bijna 20.000 woorden. Ik weet wel zeker dat het me gaat lukken om nog voor de zomer het verhaal af te hebben. Deze meivakantie neem ik de tijd om alles wat ik tot nu toe heb geschreven opnieuw te bekijken en te verbeteren/aan te vullen.

3. Heel veel lezen
In april lagen er een hoop leuke boeken in de winkel. Die kon ik natuurlijk niet laten liggen...

4. Mijn andere blog oppakken
Over alle boeken heb ik een blog geschreven.

5. Engels leren
Eh... Nee. Misschien iets voor de zomervakantie?

Liefs!

maandag 29 april 2013

Het meest saaie van lesgeven

Helaas heeft het onderwijs ook zijn saaie kanten. Vergaderen wordt bijvoorbeeld vaak als saai gezien. Ik zie vaak genoeg tijdens een algemene vergadering collega’s met hun mobieltjes of iPads spelen. Ook het nakijken vinden velen met mij ontzettend saai. Daarbij is het ook nog eens ontzettend tijdrovend. Ik ben gerust een uur bezig met het nakijken van één brugklasrepetitie. En dan heb ik er nog twee te gaan!

Maar wat ik echt het meest saaie vind… De rekenles! Op vrijdag geef ik één lesuur rekenen aan mijn 3havo-klas. En serieus, daar zie ik de hele week tegenop. Ik zal een korte beschrijving geven van hoe zo’n les er uit ziet: de leerlingen druppelen binnen, ze pakken hun spullen (nadat ik het vijf keer heb gevraagd), ze kijken de huiswerkopgaven na met de antwoorden die ik op het bord heb gezet en als ze daarmee klaar zijn, maken ze sommetjes voor het huiswerk voor de volgende les. Kortom: ik val er echt bij in slaap.

Ik weet ook niet hoe ik de lessen leuker moet maken. De leerlingen moeten uit de rekenboeken werken die door de school besteld zijn en elke week moet er één hoofdstuk gemaakt worden. Veel ruimte om daarvan af te wijken is er niet, want de proefwerken voor het hele derde leerjaar zijn hetzelfde en worden ook in dezelfde week afgenomen.
Veel uitleg hoef ik tijdens de lessen ook niet te geven. Onder elkaar optellen en vermenigvuldigen lukt de meeste leerlingen wel, rekenen met breuken krijgen ze vaak genoeg in de wiskundeles en de verhoudingstabellen en het rijtje van kilometer naar millimeter kunnen ze inmiddels dromen. Als ik dat klassikaal moet uitleggen, zit 80% van de klas zich toch te vervelen. De enkele leerling die er wel moeite mee heeft, krijgt één op één uitleg van mij. En dat komt niet heel vaak voor.

Ik weet dat mijn collega’s bezig zijn met het regelen van andere rekenboeken. Rekenboeken waarvan de inhoud meer aansluit bij het rekenexamen wat de leerlingen binnenkort op hun eindexamen kunnen verwachten. Contextrijkere sommen, waarachter een hele oplossingsmethode schuil gaat. Ik hoop dat die boeken er al snel komen, want dat maakt het voor mij ook iets leuker om les te geven. Wat serieus, hoe kun je een som als 83 × 472 leuk uitleggen?

Liefs!

zondag 28 april 2013

Vakantieplannen

Het is al lang geleden dat ik in de meivakantie naar het buitenland ging – of dat ik überhaupt op vakantie ging – en ook dit jaar blijf ik thuis. Helemaal niets mis mee, want ik heb genoeg te doen!

In mijn dagboek van gisteren schrijf ik wat ik allemaal nog wilde doen de komende twee (vrije!) weken. Tijdens het schrijven daarvan bedacht ik me ineens: waarom maak ik er geen to do-lijstje van wat ik op mijn blog publiceer? Dan heb ik meteen een inhoudelijk verhaal voor mijn vakantie-updates op zaterdag.

Week 1 (27 april t/m 5 mei)
- Hoofdstuk 5 t/m 10 van mijn verhaal ‘verbeteren’
- Blog maandag schrijven
- Blog woensdag schrijven
- Blog zaterdag schrijven
- Blog maandag 6 mei schrijven
- Blog woensdag 8 mei schrijven
- Toets 3havo nakijken
- Toets 2havo nakijken
- Werkvorm cirkels
- Boek 1 lezen
- Blog over boek 1
- Drie keer sporten

Week 2 (6 mei t/m 12 mei)
- Hoofdstuk 11 t/m 17 van mijn verhaal ‘verbeteren’
- Blog zaterdag schrijven
- Blog maandag 13 mei schrijven
- Blog woensdag 15 mei schrijven
- Werkvorm bedenken
- Boek 2 lezen
- Boek 3 lezen
- Blog over boek 2
- Blog over boek 3
- Werken aan ‘documenten’
- Drie keer sporten

Nu ik alles zo heb uitgeschreven begint het wel echt op werken te lijken. Ik wil toch meer doen deze vakantie dan ik dacht. Maar zoals je ziet hebben veel van de dingen te maken met schrijven of lezen. Beide is voor mij puur ontspannen!

Liefs!

zaterdag 27 april 2013

Dagboek: Stressvolle week? Gelukkig niet! (#31)

Van tevoren dacht ik dat dit een stressvolle week zou worden. Ik schreef het al in mijn vorige dagboek: deze week gaf ik mijn lessen verspreid over het hele gebouw. In totaal gaf ik les in elf verschillende lokalen. Dat is best even een omslag voor iemand die normaal in één lokaal zit. De zenuwen waren gelukkig voor niets. Het heeft zijn nadelen om continu te moeten wisselen, maar het had ook zijn voordelen!

Op maandag was ik ontzettend zenuwachtig. Hoe zouden de leswisselingen gaan als ik elke keer moet verhuizen? Gelukkig verliep dat allemaal redelijk goed. Het eerste lesuur had ik de brugklas die ik steeds minder leuk vind worden. Ze gedragen zich arrogant, doen net alsof ze niets snappen en hun concentratie is erg laag. De twee lesuren erna had ik mijn andere twee brugklassen. In tegenstelling tot mijn andere brugklas beginnen deze leerlingen steeds leuker te worden!

Op dinsdag verliepen mijn lessen redelijk oké. Het was alleen erg jammer dat de muis het in één van de lokalen niet deed. Dit zorgde er namelijk voor dat ik de uitwerkingen niet op het bord kon projecteren. Al dat gedoe met die muis zorgde uiteindelijk voor een best rommelige les. En dat uitgerekend in 2havo...
Daarnaast had ik een lesbezoek van mijn baas. Daarover staat meer in een vorige blog.

Woensdag had ik een vrije dag. Mijn vriend was ook vrij, dus we brachten de dag samen door. Ik heb zo goed als niets voor mijn werk gedaan en dat was wel erg lekker.

Donderdag had ik de hele tijd een vakantiegevoel. Alsof het de laatste lesdag was. Het was dan ook elke keer weer een teleurstelling als ik me bedacht dat ik vrijdag ook nog moest werken. Ik begon steeds meer te wennen aan de lokaalwijzigingen. Op maandag was het nog wel stressvol, maar dat gevoel kon ik later in de week goed van me afzetten. Ik heb geleerd dat het helemaal niet zo erg is om wat later te beginnen. Bovendien zag ik er ook wel de voordelen van in. Mijn schoolgebouw bestaat uit fijne en minder fijne lokalen. Ik zit standaard in een rotlokaal, dus nu heb ik ook eens mogen genieten van de betere lokalen!

Vrijdag ging razendsnel. Het ene moment stapte ik de school in, het volgende moment liep ik weer weg. Ik zat van mijn uren drie uur in een muzieklokaal. Tussen de bedrijven door heb ik wat melodieën op de piano gespeeld. De leerlingen vonden dat het nergens naar klonk en eigenlijk hebben ze daar groot gelijk in gehad. Ik ben amuzikaal geboren, helaas.

Eindelijk is het de vakantie waar ik al lang naar toeleef: meivakantie. Zestien vrije dagen en niets te doen. HEERLIJK! (Alhoewel, niets te doen... Vanochtend heb ik met mijn vriend de administratie op orde gebracht (wat ik eigenlijk afgelopen zomer al van plan was!), ik wil flink vooruit werken met mijn blog, ik wil mijn verhaal afschrijven, ik heb twee toetsen om na te kijken, ik wil leuke werkvormen bedenken voor na de meivakantie, ik wil documenten maken voor onder het gelijknamige kopje en ik wil heel veel lezen, zodat ik ook mijn andere blog een beetje bij kan werken...) De komende twee zaterdagen dus geen dagboekverhalen over mijn lessen maar een weekoverzichtje van mijn meivakantie.

Liefs!

vrijdag 26 april 2013

Inspiratiebron van een tiener

Nietsvermoedend zit ik, tijdens een les in mijn brugklas, achter mijn bureau. De leerlingen zitten rustig te werken en hier en daar wordt wat gefluisterd en gepraat. Dan steekt er iemand zijn vinger op. Ik knik ten teken dat hij iets mag vragen.
"Mevrouw, mag ik mijn inspiratiebron op tafel leggen?"
Inspiratiebron? Welke inspiratiebron?
"Welk inspiratiebron?" vraag ik hem dan ook.
Mijn vrouw," antwoordt hij. Ik kijk hem verbaasd aan. Wat?
"Mijn vrouw," zegt hij nogmaals, ter verduidelijking. Alsof ik er dan meer van zou snappen.
"Mag ik het laten zien?" vraagt hij.
Ik knik. De jongen opent zijn tas en haalt er een plaatje uit. Het is een foto van een vrouw in een bikini, uitgescheurd uit een tijdschrift. Er gaan allerlei gedachten door mijn hoofd heen, maar wat ik me het meest afvraag is of hij dit serieus meent.
“Is dit je inspiratiebron?” vraag ik. Hij knikt en kijkt even naar de foto. Vervolgens probeert hij de sommen uit het boek te maken. Af en toe werpt hij nog een blik op het plaatje, dat tien centimeter naast zijn schrift ligt.
“Pfff, het lukt niet. Mijn vrouw leidt me alleen maar af.”
“Is ze echt je vrouw dan?”
De reden dat ik het me serieus afvraag is omdat het een buitenlandse jongen is. Wie weet is hij wel uitgehuwelijkt. Al zal dat vast niet zijn aan een B-model van de Wehkamp.
“Ja, echt,” zegt hij. Ik kan aan de blik in zijn ogen echt niet merken of hij staat te liegen.
“Maar waarom is je vrouw dan onthoofd?” vraag ik, als ik iets beter naar het plaatje kijk. De helft van haar hoofd is eraf gescheurd.
Het antwoord was simpel.
“We hadden ruzie.”

Liefs!

woensdag 24 april 2013

10 manieren om... van je zenuwen af te komen

Ik heb wel eens flink de zenuwen. En met flinke zenuwen bedoel ik: elke vijf minuten naar het toilet, trillende benen en aan niets anders kunnen denken. Daarom hier een lijstje met tien manieren om van de zenuwen af te komen.


Mijn tien manieren om van de zenuwen af te komen:

1. Een frisse neus halen. Bij mij helpt het af en toe wel om een luchtje te scheppen. Vooral als het in een mooie omgeving is met veel groen en eventueel water.
2. Rustig zitten met een kopje thee (of iets anders). Even een momentje om te ontspannen. Er zijn speciale thee-en ontwikkeld om te relaxen.
3. Hoe moeilijk het ook is, probeer aan iets anders te denken! En dan bedoel ik natuurlijk aan iets leuks.
4. Als je de tijd hebt: ga sporten. Even een half uurtje hardlopen in de buitenlucht en je hoofd leegmaken. Heerlijk!
5. Verzin een bezigheid waar je je volle verstand bij nodig hebt. Even je gedachten verplaatsen naar dingen die wel nuttig zijn en je vergeet meteen de oorsprong van je zenuwen.
6. Schrijf het van je af. Dat helpt voor mij altijd heel erg.
7. Ga met iemand praten die je gerust kan stellen. Als ik zenuwachtig ben, ren ik altijd naar mijn vriend toe. Door zijn kalmerende woorden word ik altijd meteen weer rustig.
8. Maak een lijstje met dingen die mis kunnen gaan en denk bij elk punt na of dit wel echt zo realistisch is.
9. En bedenk wat het ergste is wat er zou kunnen gebeuren. Is dat wel echt zo realistisch?
10. Meld je zien, dan ben je overal vanaf. Grapje!

Liefs!

dinsdag 23 april 2013

Lesbezoek van de directie


Ik keek al vanaf het begin van het schooljaar op tegen de dag waarom mijn baas mijn les zou komen bezoeken. Het is alsof je een heel lastig eindexamen maakt en dat de docent, ‘de expert’, naast je staat om op je vingers te kijken. Brr…
Eind maart begon ik hem echt te knijpen. ‘Ergens in april’ zou er namelijk iemand komen. Het was ondertussen al half april toen ik er pas een mailtje over kreeg. “Ik kom volgende week dinsdag je les bezoeken. Het is het beste als je mijn aanwezigheid vergeet en zo normaal mogelijk les geeft.” Ja, dat is makkelijker gezegd dan gedaan.

Enfin, vandaag was het zover. Ik stond op met zenuwen, maar gelukkig gingen ze in de loop van de dag weg. Ik gaf eerst mijn lessen aan de andere klassen en direct na de pauze was het moment van de waarheid.
“Mevrouw, bent u zenuwachtig?” vroeg één van mijn leerlingen. Ik had ze namelijk gisteren al verteld dat er ‘iemand’ zou komen kijken.
“Nee, natuurlijk niet. Jullie zijn toch hartstikke lief? Er kan weinig misgaan.”
En dat meende ik ook. Ik had namelijk ’s morgens gezien dat er vier leerlingen afwezig waren. Precies de vier leerlingen waar ik normaal best wel wat moeite mee heb. Ik had dus echt niets om zenuwachtig voor te zijn.

En inderdaad, de leerlingen waren poeslief. Ik schrok er zelfs een beetje van. Vanaf het moment dat mijn baas binnenkwam in het lokaal (dat was een paar minuten nadat de tweede bel was gegaan) heb ik geen leerling meer horen praten. Het was fijn dat ze zo rustig waren, maar helemaal stil? Nee, dat kwam niet natuurlijk op mij over. Ik durfde zelf bijna niet meer te praten.
“Jullie hoeven niet zo stil te zijn, alleen omdat er iemand achterin zit,” zei ik tegen de klas. “Jullie mogen best met elkaar overleggen, zoals jullie normaal gesproken ook doen.”
En vanaf dat moment werd er overlegd. Wil je weten hoe? Fluisterend! Ik wist niet eens dat de leerlingen dat konden…
Ik heb de les gegeven zoals ik de les normaal gesproken ook zou geven: een stuk herhaling van de vorige les, een paar minuten uitleg en “zelfstandig” werken. Leerlingen met een vraag konden naar mij toe komen of de vraag stellen aan de buurman/buurvrouw. Het enige verschil wat er was is dat ik geen enkele waarschuwing hoefde te geven. En dat was héél raar!

Ik heb een goed gevoel over de les. Het was jammer dat de leerlingen zo extreem stil waren, want daardoor heb ik de politieagente niet in mezelf naar boven kunnen halen. Maar aan de andere kant… Beter zo dan dat ze ontzettend druk waren!

En nu is het afwachten op mijn beoordelingsgesprek…

Liefs!

maandag 22 april 2013

Daltononderwijs, wat is dat?

Een lange tijd geleden, het was één van mijn eerste blogs, schreef ik een stukje over mijn ervaringen met het daltononderwijs. Ik heb ongeveer een half jaar lang stage gelopen op een Daltonschool en ik wilde graag met ervaringen met het wereld wijde web delen. Als ik bij de statistieken van mijn blog kijk, zie ik dat ‘(nadelen) daltononderwijs’ de meestgebruikte zoekterm is om op mijn blog te komen. Blijkbaar is er dus veel interesse in dit onderwerp.

Omdat ik in mijn vorige blog nauwelijks iets heb geschreven heb over wat daltononderwijs inhoudt, wil ik dat vandaag gaan doen. Op internet heb ik feitjes opgezocht en tussendoor zal ik ook mijn ervaringen delen.

Het was eigenlijk helemaal niet de bedoeling dat ik stage zou lopen op deze school. Het was gewoon een samenloop van omstandigheden waardoor ik ineens een stagiair was geworden. Daar is op zich niets mis mee, zeker niet aangezien ik mijn hele opleiding al eens een kijkje wil nemen in deze keuken. Wat wel erg jammer was, is dat ik op dat moment net in een periode zat dat ik geen roze bril droeg. Dat is dan ook één van de redenen dat ik niet helemaal positief tegen het daltononderwijs aan keek.

Maar… Wat is daltononderwijs dan? Het is een onderwijssoort waarbij de nadruk ligt op de zelfstandigheid van de leerlingen. Daarnaast is er veel keuzevrijheid voor de leerlingen. Ik weet niet of alle Daltonscholen dezelfde principes er op nahouden, maar op mijn school werkte het op de volgende manier.
Iedere leerling krijgt van zijn/haar mentor een daltonkaart. Dit is een kaart waarop de leerling handtekeningen verzameld van docenten. Wanneer krijg je een handtekening? Als je de ‘daltontaak’ (een bepaald aantal opgaven die de leerlingen die week af moeten hebben) af hebt en laat zien aan je vakdocent.
In het lesrooster is lesuur 3 en lesuur 5 vrijgehouden voor “het daltonuur”. Dit is een uur waarop leerlingen zelf mogen kiezen aan welk vak ze gaan werken. Dit kan een vak zijn waarvoor ze achterlopen, een vak waar ze moeite mee hebben of een vak wat ze juist leuk vinden. Ze zoeken in het rooster het lokaal op waar hun docent zit en in dat lokaal schuiven ze aan. In dat uur gaan ze werken aan dat vak. Tussendoor gaat er één keer een bel. Na een half uur mogen de leerlingen kiezen: ze blijven bij dat vak werken of ze verplaatsen zich naar een ander lokaal om aan een ander vak te werken.
De overige lesuren krijgen de leerlingen onderwijs in een vast klaslokaal met een vaste docent en hun eigen klas. Er wordt een stuk theorie uitgelegd en de leerlingen maken de opgaven waar ze op dat moment gebleven zijn.
De leerlingen krijgen minder klokuren les dan op een reguliere middelbare school (voor wiskunde scheelt het in de brugklas 80 minuten!), maar krijgen tijdens het daltonuur dus extra tijd om aan de opgaven te werken.

De vrijheid die de leerlingen krijgen is in beperkte mate. Het toetsmoment is namelijk voor alle leerlingen hetzelfde. Alle leerlingen uit de klas krijgen dus op hetzelfde tijdstip een toets over dezelfde stof. Dat is voor mij heel logisch, want ze gaat het op mijn huidige werkplek en al mijn vorige stages net zo. Maar het is wel tegenstrijdig met wat Helen Parkhurst, de grondlegger van het daltononderwijs, voor ogen had. Op wikipedia is namelijk te lezen dat vrijheid volgens mevrouw Parkhurst gaat over het zelf kiezen van het tijdstip en het tempo waarin aan een bepaald onderwerp gewerkt wordt. Als je dit in de praktijk bekijkt, gaat dit heel anders. De leerlingen krijgen binnen de daltonuren de vrijheid om te kiezen aan welk vak ze willen werken, maar daarbuiten is er nauwelijks ‘vrijheid’. Het tempo wordt namelijk bepaald door de docent middels een studiewijzer. Elke week wordt er van je verlangd dat je een bepaald onderwerp hebt afgesloten. Als je dat niet gedaan hebt, zit je vrijdagmiddag op school. Dat is nauwelijks vrijheid te noemen.

Ik wilde er puur een informatief stuk van maken, maar ik kon het niet laten om ook even mijn eigen mening er tussen te gooien. Oeps.

Liefs!

zondag 21 april 2013

Herinnering: Zo moet het niet.

"Tempo, tempo, tempo," riep stagebegeleider nummer één tijdens een les die ik mocht observeren. De leerlingen waren rustig bezig met sommetjes maken en mijn stagebegeleider liep langs en schreeuwde constant dezelfde woorden naar de arme kinderen toe. 

"De kinderen zijn zo langzaam. Ze denken veel te lang na bij de sommen. Het moet op de automatische piloot gaan, daarom roep ik steeds dat ze tempo moeten maken." Dit vertelde hij me na afloop van de les. Ik stond er enorm van versteld. Ik had nog nooit eerder zo iemand voor de klas meegemaakt. Belachelijk!

"FOUT," schreeuwde hij toen een jongen voor het bord kwam om een opgave voor de rest van de klas uit te werken. Hij deed het blijkbaar niet goed. De jongen liep teleurgesteld terug naar zijn plaats en ging zitten. Iemand anders moest de opgave afmaken. "Iemand die het wel kan," riep mijn stagebegeleider er nog even achteraan.

"De leerlingen moeten weten wanneer ze iets fout doen. Daar leren ze van. En er is maar één manier om ze dat duidelijk te maken. Door het ze gewoon te zeggen." Ik vroeg me af of dat niet op een andere manier kon. Iets subtieler of zo, wat vriendelijker.

"Ze zijn gewoon dom," zei hij tegen mij aan het eind van het lesuur. Mijn oren klapperden na die woorden. Ze zijn gewoon dom? Mag je dat als docent zeggen?

Ik zeg niet dat hij een slechte docent was, die eerste stagebegeleider van mij. Maar ik zeg wel dat zijn manier van lesgeven absoluut niet lijkt op mijn lesstijl. Gelukkig heb ik van die man ook veel geleerd. Namelijk hoe het niet moet!

Liefs!

zaterdag 20 april 2013

Dagboek: Hatsjoe! (#30)

Wat een rare week. Het begon zo goed, maar met de dag werd het steeds erger. Gelukkig is het nu weekend, dus kan ik me een beetje oppeppen voor de komende week. Maar eerst nog even de afgelopen week nalopen!

Wat een heerlijk weer was het maandagochtend! Ik fietste naar de tramhalte, maar in de verte zag ik de tram al rijden. Die zou ik dus niet meer halen. Ik besloot op mijn gemak alvast naar de volgende halte te fietsen, maar ik genoot zo van de temperatuur dat ik meteen besloot door te fietsen naar het treinstation. Voordelen: geen extra reistijd (fietsend doe ik er net zo lang over als met de tram), gratis (dat scheelt toch weer 1,59 per enkele reis) en gezond. Nadeel: ik moest mijn fiets tussen honderden andere fietsen zetten. Gelukkig kon ik hem nog terugvinden!
Op mijn werk ging alles prima. Cijfers ingevoerd, toetsen nabesproken, de leerlingen geholpen met lastige opgaven en wat extra tijd besteed aan de leerlingen die een dramatisch cijfer hadden gehaald voor het vrij eenvoudig SO.

Dinsdag was een frustrerende dag. Althans, mijn les in 2havo. Ik startte die dag met een nieuw onderwerp: de inhoud van een prisma. Redelijk makkelijk als je het vergelijkt met een hoofdstuk over kwadratische vergelijkingen. Maar nee, zelfs het uitrekenen van de oppervlakte van een driehoek was al lastig. Oei. Ik ben benieuwd hoe dit hoofdstuk voor hen gaat aflopen.

Op woensdag werd ik wakker met een pijnlijke keel. Mijn stem klonk ook heel raar en zelfs mijn vriend twijfelde af en toe aan mijn geslacht. Ik leek wel een vent! De thee met honing heeft die dag helaas niet geholpen, want de volgende dag werd ik er weer mee wakker.

Donderdag en vrijdag waren voor mij verschrikkelijke werkdagen. Ik wilde me dolgraag ziekmelden, maar ik vind altijd dat ik dat niet kan maken. Ik wil niet achter lopen op de planning en zolang ik nog kan lopen, kan ik werken (vind ik). Helaas was dat een slechte beslissing dit keer. Mijn stem klonk steeds vreemder, het deed pijn als ik ging praten en daarbij kreeg ik ook nog een verkoudheid erbij. En dit alles bovenop de vermoeidheid waar ik al drie weken mee rondloop.

Kortom: het is tijd voor de meivakantie. Helaas laat dat nog één week op zich wachten. Normaal gesproken gaat een lesweek redelijk snel voorbij. Helaas zal ik dat idee de komende week niet ervaren. Wegens allerlei bovenbouwgedoe ben ik een week uit mijn lokaal verbannen. De zestien lesuren van komende week moet ik daardoor in elf verschillende lokalen geven. Bah!

Liefs!

donderdag 18 april 2013

Verspilde moeite

Het kost me wel eens moeite om mijn geduld te bewaren. Met name in – hoe verrassend – mijn 2havo-klas. Er zijn momenten dat ik ze echt wel achter het behang wil plakken. Maar omdat ik in mijn lokaal geen behang heb, moet ik andere maatregelen nemen.
Even een voorbeeldje van wat er zojuist in mijn les gebeurde. Eén jongen, ik noem hem even Joost, komt binnen met een verschrikkelijk humeur.
“Nee, mevrouw, ik ga echt niet bij Lisette in het groepje zitten. Ze zeurt zo erg, ik krijg er echt hoofdpijn van.”
Over zeuren gesproken… Maar ik wilde niet meteen al met een slechte start beginnen, dus ik ruilde Lisette om voor Maartje. Maar ook dit was niet goed. Want Sandra, die nu noodgedwongen bij Lisette in het groepje moest zitten, begon ook te zeuren. (Terwijl Sandra het liefste meisje van de klas is en altijd aan de kant van de docent staat!) Ik zuchtte. Hoe zou dit de rest van de les verlopen?

Dat bleek al snel. Nadat ik had verteld dat het gemiddelde cijfer voor de toets (ja, echt waar) een 4,0 was, begon Joost te lachen. En toen ik vertelde dat er zeker tien leerlingen op zitten blijven staan, alleen maar voor het vak wiskunde, begon zijn gelach weer. Mijn bloed begon een beetje te koken. Ik doe ontzettend veel moeite voor de klas. Ik maak de toetsen net iets makkelijker dan een gemiddelde toets, ik stop ontzettend veel energie in deze klas, ik wil zo vaak een pauze bijles geven als de leerlingen nodig hebben. Maar lachen na het horen van een dramatisch laag cijfer? Nee, dat gaat er bij mij niet in.

“Ga eruit,” zei ik tegen hem.
“Ah, nee, mevrouw! Nog één kans?”
“Ga eruit,” zei ik opnieuw. Ik bleef hem strak aankijken. Ik probeerde mezelf onder controle te houden.
“Please?”
En toen had ik het niet meer.
“Eruit!” schreeuwde ik. Ik keek me met grote ogen aan, pakte daarna zijn spullen en verliet toen het klaslokaal.

Alle energie die ik in dit soort leerlingen steek is blijkbaar verspilde moeite. Want wat krijg ik er voor terug? Een leerling die begint te lachen na het horen van zo’n verschrikkelijk laag cijfer…

Liefs!

woensdag 17 april 2013

Tip: Evalueer ook met je klas (#18)

Ik had laatst een rotles. Écht een rotles. Je kunt het al raden: het was een les in 2havo. Uitgerekend die les zat mijn begeleidster achterin om mij de laatste tips te geven voor het geval mijn baas binnenkort in mijn les komt kijken.

Ik stuurde drie leerlingen eruit, ik gaf honderd waarschuwingen, ik heb miljoenen keren binnensmonds gevloekt en ik bleef maar naar de klok kijken of de bel al zou gaan. Vijf minuten voor de bel had ik het echt niet meer. “Ga allemaal op jullie eigen plek zitten. Ik trek het niet meer.”

Hoofdstuk 1, tip 6: Evalueer ook met je klas
Je kunt niet alleen veel leren van het commentaar van je begeleider, ook de leerlingen kunnen je waardevolle feedback geven. Evalueer dan ook met de kinderen in je klas wat er goed is gegaan. Meestal zeggen ze eerst alleen maar dat ze het wel leuk vonden, maar dan moet je nog even doorvragen. Vaak komen ze met goede, scherpe tips en opmerkingen. Dat je zo vaak ‘ssst’ zegt, bijvoorbeeld.

“Ik ga heel eerlijk tegen jullie zijn. Ik vind het heel moeilijk om jullie te helpen én om tegelijkertijd de rest van de klas in de gaten te houden. Ik heb gemerkt dat dit in deze klas bijna niet te doen is. Ik wil iedereen dolgraag naar een hoger cijfer helpen, maar dat lukt niet als het ondertussen een dierentuin is in het lokaal. Dus hebben jullie tips voor me hoe ik jullie kan helpen én tegelijkertijd de klas in de gaten kan houden?”

En ja, daaruit kwamen een heleboel tips. Niet allemaal even bruikbaar, maar dat deed er op dat moment even niet toe. Ik wilde ze laten zien dat ik er echt wel bij stil stond dat mijn lesgeven anders moet en ik wilde hun mening daar ook over horen. De volgende dag zijn we daar op doorgegaan.

Ik heb de tip gelezen in het eerste hoofdstuk, “Stage”, maar ik vind hem hier niet helemaal op zijn plek staan. Ja, natuurlijk moet je tijdens je stage met je klas evalueren. Maar ook nog het jaar erna, en ook nog vijf/tien/twintig jaar later. Het probleem met lesgeven is dat jouw manier van werken misschien bij de ene klas wel heel goed werkt, maar in de andere klas totaal niet. Je zult dus altijd moeten blijven evalueren. Alleen of, zoals in deze tip staat beschreven, met de klas.

Liefs!

Dankbaarheidslijstje #7

Vandaag schrijf ik een dankbaarheidslijstje over gisteren. Ik had gepland om deze gisteren bij thuiskomst te schrijven, maar toen had ik plotseling geen tijd (en zin) om achter de computer te kruipen. Dus bij deze!

Gisteren, dinsdag 16 april 2013, was ik dankbaar voor/was ik blij met...
... het zonnetje dat mijn slaapkamer in scheen toen ik wakker werd. Dat was echt heerlijk opstaan!
... de fietstocht die ik maakte naar het station. Gisteren was de tweede dag op rij dat ik besloot een fietstocht van ca. 25 minuten te maken naar het station. Voor iemand die absoluut niet sportief is, is dat toch best een prestatie. Zeker als je je bedenkt wat een verschrikkelijke tegenwind ik op de terugweg had!
... de leerlingen in de brugklas, die vaak wel voor een enorme glimlach op mijn gezicht kunnen zorgen. Brugklasleerlingen zijn gewoon de leukste leerlingen die er zijn!
... de pauze op mijn werk. Tegenwoordig breng ik de pauzes iets te vaak door in mijn lokaal (om de lessen voor te bereiden) of achter de computer (om dingen uit te printen/mailtjes te versturen). Af en toe is het ook wel eens lekker om gewoon wel tussen mijn collega's te zitten en rustig te genieten van een kopje thee.
... mijn avondeten. Ik had absoluut geen zin om te koken, maar gelukkig kreeg ik hulp van mijn vriend. Binnen een korte tijd hadden we een heerlijk wokgerecht op tafel staan. Mmm!
... het spontane idee om 's avonds na het eten langs de AH te fietsen, een beker ijs te halen en deze in de duinen op te eten. Een stukje fietsen en een wandeltocht later konden we genieten van twee dingen: het geweldige uitzicht op zee en van een bak Ben&Jerry's.

Liefs!

# Dankbaarheidslijstje #1
# Dankbaarheidslijstje #2
Dankbaarheidslijstje #3
# Dankbaarheidslijstje #5
# Dankbaarheidslijstje #6

maandag 15 april 2013

NIO-toets, wat is dat?

Oké, nog één om het af te leren: de NIO-toets. Na een blog over de WISC-test en de Cito-toets kan deze niet ontbreken.

De NIO-toets is vergelijkbaar met de Cito-toets. Ook de NIO-toets (Nederlandse Intelligentietest voor Onderwijsniveau) wordt aan het eind van het basisonderwijs afgenomen bij de leerlingen. Het verschil tussen deze twee toetsen is echter dat er bij de Cito-toets wordt gekeken naar de ‘feitelijke’ schoolprestaties, terwijl bij de NIO-toets wordt gekeken naar de ‘mogelijke’ schoolprestaties. Bij de NIO-toets wordt namelijk gekeken naar wat de leerlingen in huis hebben, niet alleen naar de kennis waarover ze beschikken.

De onderdelen
De NIO-toets bestaat uit zes onderdelen, gebaseerd op taal, rekenen en ruimtelijk inzicht. De onderdelen over taal en rekenen (bij elkaar 5 onderdelen) tellen zo’n twintig tot dertig meerkeuzevragen. Bij het onderwerp ruimtelijk inzicht krijgt de leerling acht meerkeuzevragen.

De uitslag
Net als bij de IQ-test heeft de NIO-toets een gemiddelde score van 100. Bij een score van 100 t/m 107 krijgt de leerling het vmbo-TL of vmbo-TL/havo-advies. Bij score 108 t/m 115 krijgt een leerling havo of havo/vwo-advies. Bij een score boven de 116 krijgt de leerling een VWO-advies. Boven de 118 punten zou zelfs kunnen leiden naar gymnasium, technasium of tweetalig onderwijs. (Dit laatste is vergelijkbaar met een Cito-score van 545 of hoger.)

Voor wie is de NIO-toets?
Er zijn basisscholen die ervoor kiezen om de NIO-toets te doen in plaats van de Cito-toetsen. Bij die leerlingen uit groep 8 wordt dus deze toets afgenomen. Maar de NIO-toets wordt ook afgenomen bij leerlingen die al op het voortgezet onderwijs zitten. Het gebeurt namelijk wel eens dat een leerling op een onjuist niveau zit. Eén van mijn leerlingen zit namelijk as we speak de NIO-toets te maken, omdat er allerlei redenen zijn om te twijfelen aan zijn niveau. Deze leerling zit in de brugklas, maar ook leerlingen uit klas 2 en klas 3 kunnen de NIO-toets maken.

Kritiek
Zoals op alles kritiek is, is er ook op de NIO-toets kritiek. De toets is te talig, er zitten te veel context-opgaven in, de toets is niet geschikt voor kinderen met een leer- of gedragsstoornis etc. Er is ook altijd wat te klagen…

Liefs!